Strandgangers zweren erbij: een vakantie aan de Spaanse Costa del Sol met zijn drukke toeristensteden als Marbella en Torremolinos. Maar wie in Fuengirola de bergweg naar boven neemt, vindt al gauw de rust en het echte Spanje. En honderden Andalusische paarden.
Halverwege Fuengirola en Mijas ligt een rancho tegen een berg 'geplakt'. Een klein wit dorpje, waar langs een aflopend straatje witte huisjes staan met kleurige bloembakken. Die huisjes zijn de comfortabele kamers en appartementen voor de paardenliefhebbers die hier een ruitervakantie doorbrengen. Halverwege ligt een grote kraal, waar zo'n tweehonderd Andalusische paarden in kuddes rondlopen. Beneden, achter Fuengirola, ligt de Middellandse Zee te schitteren in de zon.
Als ik, net aangekomen, op zondag tegen het middaguur over de rancho zwerf, zie ik een groep ruiters terugkomen van een ochtendrit door de bergachtige omgeving. De hoeven kletteren door het straatje van de rancho als de groep naar de ruime zadelplaats rijdt, waar de paardenbenen worden afgespoten. De gasten, die hier verblijven, vormen een internationaal gezelschap, al zijn de Duitsers in de meerderheid. Niet zo gek, want eigenaar Peter Haisch (63) en veel van de mensen die op de rancho werken zijn Duits. Duitsland en de Duitsers beu, kwam Haisch in 1979 met zijn vrouw Gerda naar Andalusië en kocht er een heuvelachtig terrein van 40.000 vierkante meter. Met machines maakte hij het vlak en bouwde er in een jaar tijd de rancho, waar hij begon met het fokken van Andalusische paarden. Vijftien jaar later startte hij op bescheiden schaal met het aanbieden van ruitervakanties. Ongeveer 250 paarden heeft Haisch momenteel, waarvan er zo'n 150 berijdbaar zijn voor gasten. 'Op driejarige leeftijd worden de hengsten geruind. Zodat ze de uitstraling van een hengst behouden', zegt Haisch. Regelmatig verkoopt hij zijn fokproducten naar het buitenland, ook Nederland is een goede klant. 'Mensen kunnen hier rustig eerst een of twee weken een paard uitproberen, voordat ze besluiten het te kopen', zegt Haisch. 'Als ze het paard kopen, krijgen ze het geld van de vakantie weer terug. Dat is uniek.'
De paarden op de rancho worden gereden met een hackamore, een bitloze optoming die op de neus werkt, zodat ze niet door onervaren ruiters in de mond getrokken worden. De teugels gaan in één hand, op de 'doma vaquera'-manier (de typerende rijmanier van de Spaanse cowboy, die de andere hand vrij moet houden voor het hanteren van de carcha, de lange drijfstok, het openen van hekken en om op een feria (feest) het sherryglas vast te houden).
De eenvoudige maaltijden, die we op de gezellige patio aan lange tafels krijgen voorgeschoteld, worden dagelijks verzorgd door Luba, een lieve vrouw die uitsluitend Spaans spreekt, maar het iedereen naar de zin wil maken. Ik oefen mijn rudimentaire Spaans een beetje met haar en heb meteen een streepje voor.
Tijdens die maaltijden worden ook de contacten gelegd met de overige gasten, die vanuit de rancho verschillende ruiterprogramma's volgen. Zo zijn er tochten voor beginners, meerdaagse trektochten voor gevorderden en een programma voor ruiters die 's middags ook van zon, zee en cultuur willen genieten met een huurauto. Maar op de rancho is men flexibel, er wordt veel gewisseld tussen de groepen. Wie genoeg van zee en strand heeft, gaat gewoon weer lekker mee op een 'ausritt' later op de middag, als de zon wat lager staat. Dan wordt, evenals 's morgens, weer tweeënhalf uur gereden in het gebied rond de 'finca', zoals de opstallen en grond van een boerderij in Andalusië genoemd worden. De finca ligt in de bergen, dus het is veel klimmen en dalen. Iets waar de Andalusische paarden geen moeite mee hebben. Ze zijn dan ook zeer tredzeker op de smalle, stenige bergpaadjes. En waar het kan, gaan we lekker in galop. Na een warme zomer is het landschap in oktober wat dor, maar de oleanders bloeien uitbundig en een heerlijke zachte citroengeur dringt af en toe in mijn neus.
Een dag gaan we ons te paard lekker uitleven op het strand. Dat kan niet op de stranden langs de Middellandse Zee, die wegens de toeristendrukte het hele jaar door gesloten zijn voor paarden. Dus moeten we noodgedwongen 180 kilometer per auto afleggen, naar de baai boven Tarifa, waar de Atlantische kust begint. Een rit van ruim twee uur. Onderweg passeren we de Rots van Gibraltar, waarachter de Marokkaanse kust duidelijk te zien is, en wordt het landschap weelderiger. Negen Andalusische paarden worden met een enorme trailer naar dit prachtige gebied gebracht, uitgeladen en gezadeld door de groep ruiters, die al staat te wachten. Om de paarden, die tweeënhalf uur in de trailer hebben gestaan, wat losser te maken, lopen we een stukje het duingebied in. Dan stappen we op en rijden in stap door de glooiende 'campo'. Zo dicht bij zee is het landschap vlakker, zodat we hier lekkere lange galoppades kunnen maken. En daar wordt, tot ieders genoegen, goed gebruik van gemaakt. We rijden door een duinlandschap met lage olijfbomen, dennetjes, kurkeiken en kleine yucca's, manshoge cactussen, acacia's en bloeiende oleanders. Nu eens over smalle zandpaadjes door eikenbosjes, dan weer over iets bredere verharde paden, waar we snel in galop kunnen.
Langs verspreid liggende boerderijen en een slaperig dorp, waar niemand beweegt, komen we tegen de middag bij Playa Zahara de los Atunes, het tonijnenstrand, waaraan het hotel/restaurant ligt, waar wij een hapje gaan eten. Daar kunnen de paarden in een kraal en genieten wij zelf van een heerlijke lunch op het terras. Op z'n Spaans, dus op ons gemak en met een goed glas wijn. En natuurlijk kies ik voor de specialiteit; tonijn.
Met goedgevulde magen gaan we na de lunch te paard het strand op. Twee uur lang galopperen we heerlijk langs de vloedlijn of stappen op ons gemak met de paarden door het water. Wat een heerlijk gevoel. Deinend op de paardenrug met de warmte van de zon op je rug. Konden we maar altijd zo blijven lopen. Op een enkele hengelaar en wandelaar met hond na, is het strand verlaten. Waar de rotsen tot in zee steken, klimmen we het duin op om langs de andere kant weer af te dalen. Al rijdend genieten we van het uitzicht op de in zee stekende bergen met witte dorpjes op de punten. Het is een heerlijke dag. Als aan het eind van de middag de paarden weer in de trailer zijn gezet, genieten de ruiters nog een uurtje van zee en strand. Het water van de Atlantische Oceaan is verbazend helder. In het barretje langs de weg, waar we later nog wat drinken, wacht een verrassing. De Spaanse dame achter de tap heeft haar jeugd in Amsterdam doorgebracht. Ze vindt het heerlijk om haar Nederlands te oefenen. 'Ik mis Nederland wel. De mensen, de gezelligheid en... pindakaas.' Als Nederlander voel je je dan ineens best een beetje trots op je land. Wij hebben toch maar pindakaas.
Als Peter Haisch me later vertelt, dat hij ook trektochten van een week langs de Atlantische kust heeft, weet ik het zeker. Ik kom hier terug, voor een week aan de Spaanse kust. Maar dan natuurlijk wel weer te paard.
Reisverhaal van: Ine den Boer (journaliste Hoefslag)

U kunt ook eventueel de brochure als pdf bestand downloaden.
Spaar mee voor hoge kortingen op onze ruiterreizen...
Lees meer over de 'vaste klantenkaart'...
Vind een reisgenoot of vraag informatie aan andere ruiter reizigers. Bezoek het ruiterreizigers forum...